Aanval op onsportiviteit geopend
(artikel over de Nederlandse Christelijke Sport Unie geplaatst in Spits op 22-03-2002)
Normen en waarden vervagen; de
maatschappij heeft zijn weerslag op de sportwereld. Zo klaagt de hockeybond de
laatste tijd over toenemende spelverruwing en in het betaald voetbal worden de
meest onbelangrijke oefenpotjes afgeschaft omdat er niet genoeg agenten op de
been kunnen worden gebracht. Het ministerie van VWS en het overkoepelend
sportorgaan NOC*NSF zijn deze negatieve ontwikkelingen beu en willen actie
ondernemen. Daarom doen zij een beroep op de expertise van de Nederlandse
Christelijke Sport Unie (NCSU). Jaren geleden had deze
sportkoepel, waarbij juist normen en waarden hoog in het vaandel staan, dit
verval al zien aankomen.
AMERSFOORT -De Don Quichotes van de
sport. Zo werd de Nederlandse Christelijke Sport Unie in 1984 onder andere
afgeschilderd in dagblad Trouw. Nu, zeventien jaar later, blijk de sportkoepel
toch gelijk te hebben. Niet dat directeur Johannes van der Veen er trots of blij
mee is. Immers: ,,Ook al voorspelden wij deze tendens jaren geleden, het is
altijd zuur om zó je gelijk te halen.''
In 1984 begonnen bij de NCSU al de alarmbellen te rinkelen. De
normen en waarden binnen de sportwereld begonnen zienderogen af te nemen, maar
de meeste sportbonden en verenigingen wilden er toen niets van weten. Volgens
Van der Veen is de laatste tijd echter alles in een stroomversnelling gekomen en
kan niemand meer om hun constatering van destijds heen. Verrast was de NCSU
dan ook niet echt toen zij van NOC*NSF de taak kreeg om zich ook namens een
aantal andere organisaties de komende jaren bezig te gaan houden met het
terugbrengen van normen en waarden in de sport, het fair play-beleid en het
vrijwilligersbeleid.
,,We hebben hier al jarenlang veel tijd en energie ingestoken, dus er is een
hoop expertise in huis aangaande deze thema's. Al zeventien jaar lang stimuleren
we fair play binnen de sportverenigingen'', zegt Van der Veen. ,,Sport brengt
heel veel goeds. Het is gezond, leuk en gezellig. Het is een uitlaatklep en het
bevordert ook de sociale binding. Sport verbroedert zeggen ze wel eens. En dat
is ook zo. Je leert elkaar verstaan en begrijpen, iets wat essentieel is voor
een goede omgang in de sport.''
,,Maar er zijn situaties waarin dat nu dus niet meer zo is. Spelverruwing is
iets dat niet alleen in het betaald voetbal voorkomt. Wij lachen vaak hard om
sportbloopers die wel eens op televisie worden uitgezonden. Daar zitten soms ook
beelden tussen van scheidsrechters of spelers, die in elkaar geslagen worden. Er
worden duidelijk grenzen overschreden. Op dat gebied moet er een stukje
bewustwording komen. Sport hoort eerlijk te zijn, met respect voor elkaar.
Hoekstenen. Volgens Van der Veen
kan dat gerealiseerd worden met hulp van zijn sportorganisatie, waarvan plezier,
samenwerking en eerlijk spel de hoekstenen zijn van haar visie. Via het inhuren
van diverse diensten van de NCSU kunnen bonden,
sportverenigingen en scholen leren hoe ze hun eigen normen en waarden kunnen
bewaken. Via praktijk- en doelgerichte projecten en workshops probeert de NCSU
de tendensen binnen de sportverenigingen samen met de bonden aan te pakken. Een
kleine greep uit de aangeboden projecten zijn 'Fair Play', 'Ouders Graag
Gezien', 'Waarden & Normen op maat', 'Zo is het spel, zo zijn de regels',
'Ouders en Sportieve Opvoeding' en Vrijwilligersbeleid'.
Nu NOC*NSF en VWS hebben ingezien dat het zo niet verder kan binnen de sport, is
er ook extra geld vrijgekomen voor sportverenigingen om de hulp van een
ondersteunende en adviserende organisatie als de NCSU in te
roepen. Jarenlang is dit een groot struikelblok geweest, omdat de subsidie die
de verenigingen kregen vaak opging aan andere dingen.
Als een praktijkvoorbeeld van het werk dat de NCSU verzet,
noemt Van der Veen het Nederlands Handbal Verbond. Door het harde spel, het
duwen en trekken rondom de cirkel, bleek dat kinderen in de leeftijdscategorie
tot tien jaar vroegtijdig afhaakten. Ze hadden er op deze manier geen plezier
meer in. Na onderzoek van de NCSU bleek dat door de spelregels
iets aan te passen, lees: geen lichamelijk contact meer rond de cirkel, dat de
jongeren de sport weer leuk gingen vinden. Andere bonden waarbinnen de NCSU
onder regie van NOC*NSF actief is geweest en nog is, zijn de KNVB, de
basketbalbond, het watersportverbond, het korfbalverbond en in een deel van de
vechtsportbonden.
,,Momenteel zijn we met een project bezig bij de COVS (de nationale
scheidsrechtersorganisatie). Wat moet je doen tegen de oprukkende agressie tegen
scheidsrechters, hoe kon het zover komen? Daarin moet je niet alleen denken aan
repressieve maatregelen, maar je moet juist voorkomen dat zoiets kan beginnen.
Het is een patroon van normen en waarden dat bijgebracht moet worden. Dat is
iets dat niet in een jaar tijd gerealiseerd kan worden. Het is een lang proces,
dat bij de wortel moet worden aangepakt. Bij de jeugd dus.''
Volgens de NCSU is sporten het leven in het klein. Van der Veen
koestert dan ook goede hoop dat als mensen binnen de sportwereld goed met elkaar
omgaan, dat een positieve uitwerking op de maatschappij als geheel kan hebben.
Behalve de aandacht die wordt geschonken aan normen en waarden en fair play,
dient ook de rol van de vrijwilligers binnen de vereniging eens onder de loep te
worden genomen. Dat zijn veelal ouders van sportende kinderen, die op het
pedagogisch vlak een belangrijke taak hebben en veel invloed op de beoefenaars
kunnen uitoefenen. Naast het project 'Ouders Graag Gezien' wil de sportkoepel de
komende tijd extra de nadruk leggen op het betrekken van vrouwen en allochtone
ouders bij het sporten van hun kinderen. Deze twee groepen zijn in de ogen van
de NCSU nog te weinig vertegenwoordigd.
Belonen. Extra
aandacht schenk de NCSU ook aan het 'belonen' van
vrijwilligers. ,,Binnen de verenigingen zijn er veel mensen die bereid zijn om
de schouders onvoorwaardelijk eronder te zetten en die altijd klaarstaan. Dat is
heel mooi. Het is daarnaast ook goed om te zien dat ouders betrokken zijn bij
het welvaren van hun eigen kind. Belangrijk in dit alles is een stukje
waardering. Een knipoog, een schouderklopje, hele simpele dingen kunnen ervoor
zorgen dat de drive bij de vrijwilligers blijft. Betrek ze bij de organisatie,
laat ze voelen dat ze deel van een groter geheel uitmaken. Zo stimuleer je
mensen om betrokken te blijven bij de vereniging en voorkom je desinteresse en
lage inzet.''
,,Topsport krijgt vaak alle media-aandacht, maar het zijn de vrijwilligers die
aan het begin staan van het succes. Elke topatleet begint immers bij een kleine
vereniging. De vrijwilligers maken alles mogelijk. Daarom noem ik de
breedtesport ook wel de kraamkamer van de topsport. Als het daar goed zit, zit
het in de top ook goed.''
Nu blijkt echter dat alleen al het aantrekken van vrijwilligers vaak geen
gemakkelijke klus is. Ook hierin heeft de NCSU ervaring
opgedaan. ,,Vaak zie je een kleine groep bestuurders, bestaande uit
vrijwilligers, die geen tijd kan vrijmaken voor de andere vrijwilligers omdat ze
het te druk hebben. Het bestuur zal daardoor echter niet groeien, terwijl dat
wel zou moeten met het oog op continuïteit. En hoe meer mensen, hoe lichter de
last. De rust binnen het kader neemt dan alleen maar toe. Volgens mij zal het
ook goed zijn als er bepaalde codes komen. Contributie betaal je sowieso, maar
je kunt daarnaast ook een bijdrage vragen voor het in stand houden van de
vereniging.''
Of de aanval op het vervagen van de normen en waarden in de sport en de
spelverruwing een gevecht tegen windmolens wordt of dat de NCSU
zijn 'Don Quichotes'-rol ontgroeit, zal de komende jaren moeten blijken.Van der
Veen is er heilig van overtuigd dat het tij nog is te keren, maar dan moet wel
worden ingegrepen door alle betrokken instanties. Zeventien jaar geleden gaf de NCSU
als eerste de aanzet. Ze mogen het werk afmaken, maar staan niet meer alleen. De
windmolens zijn nog niet verslagen, maar de strijd is in elk geval ingezet.