Archeologische opgraving aan de Achterweg in Katwijk aan de Rijn

bijgewerkt tot januari 2001

Overzicht

In 1998 werd bekend dat midden in het oude dorp van Katwijk aan de Rijn een groot stuk grond vrijkwam voor de bouw van een supermarkt. Vanaf de sloop ging een amateur-archeoloog van de AWN het graafwerk volgen. Inderdaad bleken er resten van oude bewoning in de grond te zitten. De provinciaal archeoloog werd gewaarschuwd en een opgraving kon beginnen. Helaas was er maar weinig tijd, want de grond moest bouwrijp gemaakt worden. Bij het afgraven van de bovengrond is helaas veel verdwenen, maar door de samenwerking met de aannemer kon ook nog veel bewaard worden. De resultaten geven een nieuwe kijk op het oudste Katwijk.
 

Wat is er gevonden:

- Bewoning van de 13e eeuw tot nu, verspreid over de hele bouwput.
- Funderingen van 14e - 15e eeuwse stenen huizen aan de Rijnstraat, soms nog als fundering voor de huidige huizen.
- Veel aardewerk uit vier 14e - 15e eeuwse beerkelders.
- Drie waterputten, later dichtgegooid met grond.
- Een kleilaag, afkomstig  van een overstroming door de zee (vanuit de Rijn).
- Een complete 17e eeuwse waterput, met een gewelfje dichtgemetseld en nog met water, enkele meters diep.
- Een kelder met afval van een welgesteld huishouden uit de 17e - 18e eeuw.
 

 Wat is er nu al bekend

- Er is geen Romeinse bewoning gevonden.
- Er zijn resten van 13e eeuwse bewoning. Huisplattegronden (palenrijen) zijn niet duidelijk, maar de opgravingstekening moet nog bestudeerd worden.
- Aan de Rijnstraat hebben rond 1300 minstens twee stenen huizen gestaan. Dit is bijzonder, omdat tot de 16e eeuw huizen normaal van hout waren.
- Eén huishouden was rijk. Het voorhuis werd gebouwd rond 1300 en is later in de 14e eeuw naar achteren vergroot tot een lengte van 27 m. Daarachter stond een traptoren, met onderin een beerkelder.
- De huizen zijn in latere eeuwen steeds weer op dezelfde plaats herbouwd. Zelfs de huidige huizen zijn soms gebouwd op eeuwen oude funderingen.
 

 Wat gaat er verder gebeuren

- Alle vondsten zijn worden door de AWN in Leiden schoongemaakt en soms gerestaureerd, waarna bepaald is wat het is en hoe oud.  De vondsten zijn eigendom van het rijk, maar kunnen aan het Katwijks Museum in bruikleen worden gegeven.
- De inhoud van de beerkelders zal uitwijzen hoe welvarend de huishoudens waren. Uit de resten kan het menu bepaald worden.
- Met de uitgewerkte plattegrond wordt onderzocht of er huisplattegronden uit de 13e eeuw herkenbaar zijn.
- Met een nauwkeurige datering van de oudste vondsten is het misschien mogelijk om vast te stellen, wanneer de overstroming plaatsvond.
- Omdat er meer opgravingen op uitwerking wachten, kan het wel een aantal jaren duren voordat het eindverslag klaar is.
 

Korte historie


 

In Katwijk aan de Rijn komen de noord-zuid weg langs de voet van de duinen samen met de oost-west weg langs de Oude Rijn. Na het dichtslibben van de Rijn is hier de meest westelijke mogelijkheid om met een veer de rivier over te steken. Vanaf de 9e-10e eeuw ontstaan de huidige duinen. Een grote hoeveelheid zand spoelt aan op het strand en waait op tot duinen. Door verstuiving schuiven deze duinen landinwaarts tot ze in de 12e eeuw de huidige binnenduinrand bereiken. In deze eeuw is de rivier nog open en wordt de omgeving geteisterd door een langdurige overstroming vanuit zee, die achter de duinen een laag klei neerlegt. Kort daarna slibt de Rijn dicht. Over de kleilaag stuift duinzand en hierop ontstaat Katwijk aan de Rijn. De Achterweg loopt in het verlengde van de vroegere weg langs de duinen (vroeger de Heerweg, nu de Wassenaarse weg). Deze weg ligt ook nu nog hoger dan de rest van het dorp en is daarom waarschijnlijk de oudste weg, ontstaan over een hoge (dus droge) duinrand. De Rijnstraat is het vervolg van de weg vanuit Valkenburg langs de Rijn, die liep over de hogere rivieroever. De weg ligt veel lager dan de Achterweg en was misschien eerst de toegang voor schepen in de Rijn. Uit de opgraving is gebleken dat rond 1300 de Rijnstraat (vroeger de Voorstraat genoemd) al de hoofdstraat was. In 1224 wordt Katwijk aan de Rijn voor het eerst genoemd in een oorkonde, die de Hollandse graaf hier ondertekend. Kort voor 1295 wordt een leprozenhuis gesticht met een grote kapel: van de huidige dorpskerk de toren en het schip (iets smaller dan het huidige).


Geologie
 
De ondergrond bestaat uit vaste klei (Duinkerke I genoemd, uit 500 - 200 v. Chr.) op een hoogte van 0,1 -NAP tot 0,5 +NAP. Hierop ligt een dunne laag zand van 0 - 0,2 m dik. Daarboven ligt een zandige kleilaag van de 12e-eeuwse overstroming (Duinkerke III genoemd) met de bovenkant op 0 - 0,9 m +NAP. (deze is ook bij een archeologische opgraving in de Dorpskerk gevonden tot 0,4 m +NAP).
Het is opvallend dat dikte en hoogte van de DIII lagen op korte afstand van een paar meter sterk varieerde, terwijl de DIII klei varieerde van zanderige klei tot nauwelijks kleiig zand. 

Boven de DIII klei lag zand tot het maaiveld, bij de Achterweg hoger dan de Rijnstraat. De bouwput was uitgegraven tot een vlak op 0,9 m +NAP. Dit is ook het enige opgegraven vlak. De grond is afgegraven zonder onderzoek.

Romeinse tijd

Slecht één scherf Romeins aardewerk is gevonden in een middeleeuwse greppel. Er is echter niet gegraven onder de DIII laag, waar eventuele Romeinse resten zich zouden moeten bevinden. Toch zou men meer opgespitte scherven verwachten, zodat hier toch waarschijnlijk geen Romeinse bewoning was.


13e eeuw
 
De oudste vondsten komen uit 13e eeuw: onder andere Andenne en Paffrath aardewerk. Een bijzondere vondst is een 13e eeuwse kogelpot, met daarin zaden van vijgen. 

14e - 15e eeuw
 
14e -15e eeuwse fundamenten zijn aangetroffen van huizen met een welvarend huishouden. Omdat dicht tegen de huizen moest worden gebouwd, is de bouwput tot aan de fundamenten uitgegraven. Hierbij bleek dat de bestaande huizen nog steunen op 14e eeuwse fundamenten. 

- Rijnstraat nr. 68 is gebouwd op de fundamenten van circa 1300 (steenformaat 30/29x13x8). In de 14e eeuw (steenformaat 28/26x14x8/7) is dit huis naar achter uitgebouwd tot een totale lengte van 27 m. In een hoek werd een zware traptoren gebouwd. Het fundament van dit trappenhuis werd tot beerkelder bestemd, waaruit veel materiaal is geborgen. Vanaf de traptoren liep een fundament naar de Achterweg, vermoedelijk een tuinmuur.
- Ten noorden van dit huis werden nog drie vierkante 14e-15e eeuwse beerkelders gevonden.
De huizen lagen aan de Rijnstraat.

De aanwezigheid van beerkelders en het vondstmateriaal wijst op (zeer) welvarende huishoudens. Het lijkt er op, dat hier aan de Rijnstraat een rij dicht op elkaar staande patriciershuizen stond. Als deze huizen ook elders in Katwijk aan de Rijn worden aangetroffen, heeft het dorp een welvarend (voor)stedelijk aanzien gehad. Het feit dat Noordwijk in de 14e eeuw enige tijd stadrechten had en de rijke archeologischie vondsten in Alphen aan de Rijn, geven een andere kijk op de Rijnlandse "dorpen" in deze tijd.

Gesneden stenen bakje. Functie is onbekend, maar wordt gevonden in rijke huishoudens.

Achtermuur van Rijnstraat nr. 68 op een fundament 
van rond 1300.

Fundament van de traptoren

Opgravingsgebied


 

18e eeuw

De 18e eeuw is vertegenwoordigd met veel vondsten uit een, boven op een 15e eeuwse beerput gebouwde 17e-18e eeuwse beerkelder, met een 18e eeuwse vulling.  Ook deze vondsten kwamen uit een welvarend huishouden, waaronder veel oesterschelpen.
 
Stand van zaken:
- De vondsten zijn gewassen zijn gedetermineerd en worden nu verwerkt.
- Voor analyse van monsters uit drie 15e eeuwse putten wordt nog financiering gezocht.


Medewerking

De opgraving is uitgevoerd door de afdeling Rijnstreek van de Archeologische Werkgemeenschap voor Nederland (AWN) met Frits Kleinhuis, de provinciaal archeoloog van Zuid Holland. De uitwerking zal door worden uitgevoerd door de AWN.
De opgraving was mogelijk door de goede medewerking of financiële hulp van:
- Aannemer M. van Rijn (Katwijk)
- Aannemer Gesman (Alphen aan de Rijn)
- Gemeente Katwijk
- Provincie Zuid Holland